Don’t be shy

beeld — Kaat op april 15, 2014 om 08:58

JUJU’S DELIVERY

Hey you shy boy

audio — Kaat op april 15, 2014 om 08:43

NUNKI

Schaamte is dodelijk

tekst — Kaat op mei 1, 2013 om 16:02

CATHERINE ONGENAE
‘Schaamte is dodelijk’, In: De Morgen, 24 april 2013, p. 10-11

Is er nog nood aan schaamte?

"quotes" — Kaat op december 22, 2012 om 11:40

En zo blijft het schrijven dus altijd weer: oplossingen zoeken. Voor de schaamte, voor de twijfel en voor de hoogmoed.

schaamteverzameling — Kaat op februari 2, 2013 om 00:45

Wie of wat heeft mij ooit iets geleerd?

De vraag is te verstrekkend voor dit blad en voor het geheugen. Dus dun ik ze uit: wie of wat heeft mij leren schrijven?

Maar dan ga ik ervan uit dat ik kan schrijven, terwijl ik daar zelf chronisch aan twijfel. Soms lees ik schrijvers en denk ik: wat matig ik me aan? (Soms lees ik ook schrijvers en denk ik: wat matigen zij zich aan?)

Waarop de vraag rijst: wie heeft mij de aanmatiging aangepraat en wie de twijfel?

Scheppen is een perpetuum mobile tussen twijfel en hoogmoed. Sommigen hebben me regelmatig liefdevol over de twijfel heen geholpen, anderen hebben me graag gewezen op de hoogmoed.

Beide hulpverleners ben ik dankbaar.

Ik merk dat ik denkend over de vraag in twee werelden denk: opleiding en niet-opleiding.

Ik heb geen opleiding in schrijven genoten. Ik heb letter- en taalkunde gestudeerd. Daar heb ik vernomen hoe taal en teksten in elkaar zitten. Daar heb ik hun geschiedenis geleerd, hun sociologie, hun psychologie, soms ook hun chemie. Dat is natuurlijk allemaal belangrijk en ik haal er nog altijd mijn voordeel uit.

Ik heb er ook nadelen van ondervonden. Het heeft me jaren gekost om los te komen van een zekere rigiditeit in denken over letteren – en kunst in het algemeen – die de opleiding me meegegeven had. Ik heb zelf moeten leren denken, voelen en schrijven over schrijvers en kunstenaars. Over teksten en andere kunstwerken als levende, in mijn leven ademende dingen.

Die strijd schuilt zelfs vaak in wat ik heb geschreven. En misschien moet ik de opleiding, op een averechtse manier, dankbaar zijn dat ze me heeft doen strijden. Dat ze me, misschien zonder het zo te bedoelen, heeft gedwongen te zoeken naar die adem.

Het meest heb ik geleerd van die zoektocht.

Daarin hebben schrijvers een aanzienlijke rol gespeeld. Het kan niet genoeg gezegd worden, vooral tegen aspirant-schrijvers: schrijven vergt lezen. Gewoon lézen. Maar ook aandachtig, gericht lezen – een lectuur die wil achterhalen waarom en hoe schrijvers het hebben gedaan.

Want schrijven, zoals elk scheppen, heeft ook vaak van doen met oplossingen zoeken. En met het begrijpen van beweegredenen.

Als ik me beperk tot wat ik heb geschreven over kunst en kunstenaars – al heb ik net nooit naar kunst om de kunst willen kijken – dan komt er vanzelf een reeks namen in me op.

De lijst is te lang, maar ze reikt van Julian Barnes (‘Flauberts papegaai’!) tot John Berger, van K. Schippers tot Simon Schama, van Piet Meeuse tot Frank Vande Veire, van Gombrich tot Danto, van Francis Bacon tot Gerhard Richter.

Het zijn onderling erg verschillende stemmen. Sommige zijn speels, andere doodernstig. Sommige zijn ‘literatuur’, andere ‘kunstkritiek’, nog andere zijn – nu ja, weer iets anders. Toch krijg ik ze allemaal samen in deze ene zin van schrijver K. Schippers, waarvan ik rustig mag zeggen dat hij er altijd is bij het schrijven:

‘Ik denk dat je over kunst net zo moet schrijven als over alles, over een kopje dat op tafel staat.’

Maar er is nog meer.

Om het over een kopje te hebben kan het geen kwaad naar wat stillevens te hebben gekeken. En om het over een stilleven te hebben is het goed eens wat tijd te hebben doorgebracht met een kopje – en het licht eromheen.

Anders gezegd, niet alleen de opleiding, de schrijvers en het lezen hebben me iets geleerd. Al waren ze onontbeerlijk en vormen ze de grondslag, er is ook veel steenslag. Dingen die opvliegen, langskomen, als een soort zwerfstof in de zintuigen raken, daar verzamelen en een ruis vormen die misschien zelfs bepalender is voor de toon van het geschrevene dan al het geleerde.

In feite gaat het dan gewoon om ‘het leven’. Om fragmenten, flarden, toevalligheden allerhande. Om liedjes, films, losse zinnen en beelden, herinneringen – in wezen om alles wat maar bruikbaar is in de grabbelton van de dagen.

Soms wekt zo’n beeld of herinnering een zin. Soms is het omgekeerd, dan wekt een zin zo’n beeld of een lied en kan daaruit de tweede zin voortkomen. En zo kan een tekst vol kleine toonwisselingen komen te zitten.

Ook dit lijkt me niet onbelangrijk voor aspirant-schrijvers: dat schrijven een soort graaicultuur vergt. Schaamteloos de dagen plukken, sans gêne graaien in de grabbelton van het bestaan.

En zo blijft het schrijven dus altijd weer: oplossingen zoeken. Voor de schaamte, voor de twijfel en voor de hoogmoed. En voor de zinnen zelf nog het meest.

BERNARD DEWULF

In: Rekto Verso, nr.52, mei-juni 2012

Vader

tekst — Stijn op oktober 6, 2012 om 21:16

Vader. Ontkleed je. Nu het nog kan.
Toon mij wat de tijd heeft aangericht
sinds wij samen in bad zaten en ik bewees
dat waterdruppels elkaar willen raken.

Schaam je niet. Wij hebben dezelfde structuur.
De benen, de rug, de nagels en de ontelbare gebaren.
Ik wil geen zevenentwintig jaar wachten
alvorens te zien hoe ouderdomsvlekken
zich verspreiden, de huid verslapt en
aderwanden het begeven.

Wijs mij wat er rest als de liefde
niet langer wordt bedreven.
Noem mij vrouwennamen en laat ons
berustend schateren.

EDDY VAN VLIET

Liepaja

beeld,tekst — Kaat op augustus 30, 2012 om 10:03

“In het [kleine joodse museum van Riga] hangen ook de beroemde foto’s van de kleumende joodse vrouwen in onderkleren, vier vrouwen en een meisje, zich tegen elkaar aan duwend van kou en schaamte. Aandoenlijk lange onderbroeken. Weerloze naaktheid. Op een volgende foto kleden meer mensen zich uit. Nu is er een jongen bij, in een witte broek, veertien, vijftien jaar, hij loopt voorop, handen in de zakken. Dan staat het groepje op de rand van een duin. Op de laatste plaat tuimelen ze naar beneden, tussen de andere lichamen. Daarnaast hangt nog een sterk uitvergrote foto van de jongen. Ik zie nu de blik op zijn gezicht. Grote angst, de mond open. […] Alle foto’s zijn genomen in de duinen, vlak achter deze stad. Op 15 december 1941 werden bij Liepaja zevenentwintighonderd mannen, vrouwen en kinderen door de SS en de Letse hulppolitie doodgeschoten.”

GEERT MAK
In Europa, Amsterdam: Olympus, 2011 (tweeëntwintigste druk), p.202-203

Wingerd

tekst — Kaat op augustus 30, 2012 om 09:46

Laatst was het al laat. Het huis sliep al en ik zat eenzaam nog wat te zappen. Naast mij was begripvol de kater komen liggen. Toen kronkelde uit de afstandsbediening een opwindende scène. Ik stopte met zappen.
En keek.
Kijkend groeide een zekere schaamte. Zelfs slapend, blijkbaar, ziet het gezin de vader zitten. En niet al wat hij doet, is even goed. Ik kon er nog net mee leven en keek onrustig voort. Plots merkte ik dat de kater mij priemend in het oog had.
Toen was de lol eraf.
Ik heb hem bestraffend gemonsterd, maar hij draaide soeverein zijn kopje weg.

Hoe ver is het gekomen dat ik me zelfs schaam voor de blik van een kat? Die blik had geen idee wat de mijne aan het doen was. Toch voelde ik me veroordeeld.

Schaamte, zeggen definities, wordt veroorzaakt door de blik van de ander. Ze schijnt zoals haast alles te beginnen bij de moeder en loopt van vrienden, vijanden, kinderen en geliefden over buren tot de samenleving en ook God.
Ze is vervelend, kan ziekelijk worden, maar is zogezegd ook goed: ze stilt het beest in ons. Zonder de ander kan de ander maar beter uit onze buurt blijven. Dat ze nog niet helemaal feilloos werkt, herhaalt het nieuws zich dagelijks.

Als de definities gelijk hebben, ben ik ook een ander. Natuurlijk, blijkt de bankkaart leeg aan de kassa, of wenst de buur mij een prettige dag als ik verzaligd ontwaak uit de etalage van de plaatselijke lingeriewinkel, dan schaam ik me.
En schaamt de kardinaal zich almachtig nergens voor en noemt de mediatiek vermagerde politicus seksuele intimidatie lafhartig een oud-bourgondisch gebruik, dan schaam ik me peilloos in hun plaats.
Dat is de dagelijkse schaamte en ze kijkt naar de ander.
Maar de diepste schaamte kijkt uit de spiegel.
Over die schaamte is het moeilijk spreken.

Schaamte is van nature stil, schaamteloosheid pronkt met zichzelf. De diepste schaamte is zelfs doodstil. En is er altijd. Ze peutert niet in de overmaatse neus of doet mij niet verlegen op een feestje aankomen. ze zit lager onder mijn vel. Ze is een stille kracht en gaat tussen mij en ik.
Ze is oud, al weet ik niet hoe oud. Misschien even oud als ik. Of misschien is ze langzaam gegroeid. Met de tijd, met het falen, met de toenemende eenzaamheid van het vel.
Ze wordt niet per se rood, ze stottert niet noodzakelijk, ze giechelt niet, ze overbluft zichzelf niet. Maar misschien zit ze wel in elk gebaar dat ik maak. Althans, soms denk ik dat ik ze bij sommige anderen zo zie: als een zwijgzame, bijna geruisloze gêne die hen begeleidt. Niets uitgesprokens, niets dramatisch, niets mededeelbaars en dus zeker geen gesprekstof.

Deze schaamte is iets wat ik bén. Ik kan ze niet echt onderscheiden van de uren. Ze loopt met mij mee als een schaduw. Ik weet niet waar ze vandaan komt. Misschien is ze met de jaren verzameld fijn stof van alle kleine en grotere schaamte.Misschien is ze iets chronisch geworden, zoals sommige hoofdpijn. Misschien kijken alle blikken die mij ooit hebben beoordeeld, betrapt of vernederd, mij nu samen uit één kattenoog aan, ergens in mijn vochtige duisternis vanbinnen.
Misschien is het een wingerd die ooit in de biechtstoel als een stek in mij is geplant.
Ik weet het niet.

Ik weet alleen dat ik ermee zit.
Niet dat ze altijd dodelijk is, deze schaamte. Niet dat ze helemaal onleefbaar is. Soms denk ik zelfs dat ze me in leven houdt.
Om de twee dagen grijnst ze om mijn middelmatigheid, regelmatig giert ze om mijn lachwekkende hoogmoed. En staat mijn schamele naaktheid in de badkamer schrijnend in sokken, dan komt ze niet meer bij.
Andere dag is ze veel strenger. Dan sterf ik aan mijn geheimste schaamte.
Maar die dagen ga ik niet aan uw neus hangen. Die schaam ik me tussen mij en ik. En desnoods de kat.

BERNARD DEWULF
“Wingerd”, in: dS Weekblad, zaterdag 5 mei 2012, nr. 37, p.66

Luisteren naar schaamte

video — Kaat op juli 12, 2012 om 13:47

Met Nederlandse ondertiteling: Brene Brown – Luisteren naar schaamte

“Schaamte is voor vrouwen een web van onhaalbare, conflicterende, concurrerende verwachtingen over wie we moeten zijn. Het is een dwangbuis. Voor mannen is schaamte geen hoop concurrerende, conflicterende verwachtingen. Schaamte is één ding: zorg ervoor dat je niet overkomt als wat? Zwak.”

BRENE BROWN

“Schaam je, schaam je, schaam je!”

"quotes" — Kaat op juni 21, 2012 om 19:13

“Het droevigste misschien dat van een mens gezegd kan worden is: hij kan niet verheven worden, zijn eigen weten kan hem niet verheffen. Zoals een kind een vlieger oplaat, zo laat hij zijn weten opstijgen; het nakijken, het met de ogen volgen, dat vindt hij boeiend, maar zelf stijgt hij niet omhoog, hij blijft in het moeras, steeds meer verlangend naar het opstijgende. Daarom, wie je ook bent, als het op de een of andere manier zo met je gesteld is: schaam je, schaam je, schaam je!”

KIERKEGAARD (Het ogenblik, 1855)

Filosoof Coen Simon over schaamte

"quotes" — Kaat op juni 11, 2012 om 14:04

COEN SIMON (in De Morgen Magazine, 9 juni ’12, p. 32-37)

Eva’s gedacht

beeld,web — Kaat op mei 18, 2012 om 20:24

EVA MOUTON

Eva’s gedacht

beeld,tekst — Kaat op mei 10, 2012 om 18:46

EVA MOUTON

Grote Gevoelens: Schaamte

podium — Kaat op april 29, 2012 om 22:33

De eerste editie in een nieuwe reeks van NTGent en De Standaard: De grote gevoelens.

Waarom gevoelens? Omdat zij een dankbaar gemeenschappelijk raamwerk vormen om naar de ons omringende werkelijkheid te kijken. Emoties zijn van alle tijden en sturen vaak de waan van de dag. Of het nu over nervositeit achter de beurscijfers gaat, of over een politicus die betrapt wordt met een kamermeisje. Emoties bepalen in grote mate ons gedrag en dus ook het nieuws — tegelijk zijn het vooral de herkenbare gevoelens die de personages uit het toneelrepertoire zo Memorabel maken.

Als eerste groot gevoel hebben we Schaamte gekozen. Waarom? Omdat we dagen vol schaamte beleven. Hoor de verwijten van schaamteloosheid. Ontslagen werknemers slingeren ze naar de kop van bonusverdienende topmanagers. ‘Ook wij willen delen in de winst!’ Stakende vakbonden krijgen het verwijt voor de voeten gegooid. ‘Ook wij zijn het slachtoffer!’ Onmachtige politici moeten zich schamen, klinkt het op internetfora. ‘Ook wij willen bescherming!’ Om over de falende banken nog te zwijgen. De woedende burgers in de straten van Athene en Madrid. Anno 2012 roept de westerse mens de schaamte luidkeels af over zichzelf. Bang als we zijn om te verarmen. Bang als we zijn voor een milieu dat onherstelbaar beschadigd is. Hoe gaan we met die angsten om? Hebben we meer schaamte nodig? Of moeten we juist nog schaamtelozer durven zijn? Bovendien zegt schaamte ook iets over onze volksaard. Wij Vlamingen en Belgen hebben niet de neiging om hoog van de toren te blazen, maar identificeren ons graag met de underdog. En last but not least is het ook een emotie waar elke acteur mee vertrouwd is, al vanaf het eerste uur: de gêne die gepaard gaat met de eerste stappen op het podium. De schrik om een tekst te vergeten. De angst voor het zwarte gat van waaruit honderden toeschouwers stilzwijgend toekijken. Misschien heeft de Nederlandse schrijfster Connie Palmen het nog het best geformuleerd: ‘Schaamte is gebrek aan empathie met onszelf.’

Op zondagavond 6 mei aanstaande verwachten we u in onze schouwburg aan het Sint-Baafsplein voor een avond vol Schaamte. Datzelfde weekend publiceert De Standaard een themanummer van DS Weekblad, vol verrassende getuigenissen, beelden en reportages die schaamte als invalshoek hanteren. Werken aan dit project mee, in willekeurige volgorde: Frank Focketyn, Wim Opbrouck, Chris Thys, Servé Hermans, Joke Emmers, Naomi Velissariou, Reindert Vermeire, Vincent van der Valck, Wim Helsen, Stijn Meuris, Peter Vermeersch en Bernard Dewulf.

Schaamhaar?

video — Kaat op april 8, 2012 om 20:49

Puistjes!

video — Kaat op april 8, 2012 om 20:49

Help, ik krijg borstjes!

video — Kaat op april 8, 2012 om 20:48

107 redenen waarom een mens zich zou kunnen/moeten schamen

tekst — Leerling in het welsprekend schamen op maart 27, 2012 om 18:01

Hiervoor zou een mens zich kunnen (moeten?) schamen…

1) in de winkel aan de kassa staan met een hele rij mensen achter je, net het te betalen bedrag te horen gekregen en beseffen dat je niet voldoende geld bij je hebt
2) een kind slaan
3) liegen
4) bad hair day
5) dat je vader in het openbaar uit zijn krammen schiet tegenover je moeder/ je broer / jou
6) dat je niet van huis wil vertrekken zonder een zoen van je moeder te hebben gehad, al ben je geen kind meer
7) als je ouders je afzetten bij je grootouders om er een week te logeren, dat je dan ’s avonds in je bed huilt omdat je je ouders mist, hoewel je erg veel zin hebt in die week bij je grootouders; niet willen dat ze zien dat je een beetje heimwee hebt, omdat je ze niet wil kwetsen
8 ) over straat lopen met een volle zak boodschappen die plots scheurt; gevolg: al je boodschappen verspreid over het voetpad
9) je weet dat je moeder achter je fietst en wil haar nog iets zeggen, na een tijdje hoor je een fiets dichterbij komen, je begint je relaas en plots blijkt dat je tegen een wildvreemde bezig bent
10) je lach die misschien een beetje abnormaal klinkt
11) je figuur
12) waar je in gelooft, of je al dan niet gelooft
13) kindermisbruik
14) een moord
15) voor de grap tegen je broer zeggen dat je grootmoeder net overleden is, gewoon om te zien wat zijn reactie is
16) je ouders uitmaken voor het rot van de straat
17) dat je schoenen met hieltjes aanhebt, waarvan er één een beetje stuk is en je de hele tijd afwisselend een mooi klakgeluid maakt en bij de volgende stap een schel geluid van een ijzeren punt die de grond raakt
18) iets grappigs vertellen dat niemand grappig blijkt te vinden
19) egoïstisch zijn
20) een snoepje stelen uit een winkel
21) achter iemands rug slecht spreken over die persoon
22) hoe je overkomt naar de buitenwereld toe
23) in het buitenland nog zo je best doen om de lokale taal te gebruiken in contact met de inwoners van dat land en er maar niet in slagen
24) dansen, omdat je weet dat je het niet goed kan
25) dat je niet weet hoe het voelt gekust te worden
26) als je beloofd had iemands geheim te bewaren en het al dan niet opzettelijk toch verklapt
27) je outfit
28) je moet dringend ergens naartoe, maar hebt thuis net erg gehuild; de tranen zijn opgedroogd, maar je ogen zien nog rood, en dan maar hopen dat niemand het ziet
29) vluchtmisdrijf plegen
30) in een volle aula je hand opsteken om iets te vragen aan de docent
31) over de speelplaats lopen, bang om uitgelachen te worden
32) ergens van overtuigd zijn, het in geuren en kleuren aan de man brengen, totdat blijkt dat je het niet bij het rechte eind had met je veronderstelling (en daar dan op gewezen worden)
33) als volwassene nog steeds graag naar liedjes van Samson & Gert en zo luisteren
34) als je plots merkt dat je net je regels hebt gekregen en dat je er niet op voorzien was met alle gevolgen van dien
35) dat iemand die boven je staat je een vraag stelt en dat je geen antwoord hebt, dat je geen idee hebt waar het over gaat
36) dat je thuis financieel krap bij kas zit
37) dat je nooit hebt leren zwemmen/fietsen/…
38) in de winter uitglijden over het ijs in een drukke winkelstraat
39) over het feit dat je huis na twintig jaar nog steeds niet in orde is, bv. dat de muren nog altijd alleen maar zijn bepleisterd
40) dat je de verjaardag vergeet van iemand die je nauw aan het hart ligt
41) hoe je op een foto staat
42) slechte punten op school (ev. incl. de bekendmaking ervan aan je ouders)
43) vertellen aan een vriend hoe je je vanbinnen voelt, blijk geven van je kwetsbaarheid
44) zingen op de fiets wanneer er plots iemand voorbij rijdt/wandelt/…
45) als je na je examen de deur van de aula maar niet open krijgt, omdat die gewoon wat klemt, terwijl er nog tientallen mensen examen aan het afleggen zijn
46) je ware gevoelens voor een bepaald(e) jongen/meisje
47) je seksuele geaardheid
48) voor de tijd die je in de gevangenis hebt doorgebracht
49) naar een verjaardagsfeestje gaan, waarvoor je je moet verkleden
50) als je net een optreden in de muziekschool achter de rug hebt voor je instrument en je zelf weet dat je ‘heel veel fouten’ hebt gemaakt en je het liefst onmiddellijk de zaal uit zou willen rennen maar je niet kan
51) je gewicht
52) puistjes
53) roos in je haar
54) beseffen dat je in een brief aan een belangrijke, professionele instantie, die je net hebt verzonden, een dt-fout/spellingsfout hebt laten staan
55) een moedervlek
56) een litteken
57) dat je vooraan in de klas een spreekbeurt moet geven
58) iets zeggen dat de ander kwetst
59) je eigen naaktheid, zowel letterlijk als figuurlijk
60) je persoonlijke voorkeuren op allerlei vlakken
61) dat je als vrouw voor een tijdje op een mannenfiets moet rijden, omdat jouw fiets bij de fietsenmaker is/momenteel niet beschikbaar is
62) op straat mensen in nood (bv. bedelaars, een kind dat viel, iemand wiens portefeuille op de grond valt) niet helpen en ze straal voorbijlopen, hoewel je weet dat dat niet het juiste is
63) onwetendheid
64) je kan niet goed tekenen
65) te laat komen op een afspraak
66) een afspraak vergeten
67) in een pashokje een kledingstuk niet meer uitkrijgen
68) een belofte niet nakomen
69) tijdens een gelegenheid waarvoor het de bedoeling was dat iedereen zelf iets klaarmaakte/bakte om op te eten, merken dat jouw creatie er het minst smakelijkst uitziet
70) de gedragingen, houding, woorden van een ander
71) je grootte
72) in deze hoogtechnologische wereld niet in het bezit zijn van een computer/een gsm omdat het je aan middelen ontbreekt om er je één aan te schaffen
73) je kind te vondeling leggen
74) in dronken toestand verschijnen op een formele bijeenkomst
75) kindsoldaten rekruteren
76) dat je in een overladen circustent uit het publiek gepikt wordt om tijdens de show te assisteren
77) dat er na meer dan een jaar nog altijd geen nieuwe regering is in België
78) haatmails sturen naar Frank Deboosere om hem te zeggen dat hij de dood van de 5 slachtoffers van het Pukkelpopdrama op zijn geweten heeft
79) er op een feest in het bijzijn van al je vrienden niet in slagen een champagnefles te ontkurken, hoe hard je het ook probeert
80) tijdens het optreden van een koor waarvan je lid bent, plots een valse noot ten tonele brengen, hoewel je zo lang op de liedjes had geoefend
81) plots merken dat je je T-shirt/trui achterstevoren of binnenstebuiten aan hebt
82) je trouwring kwijtspelen
83) iemand straffen voor iets waar die persoon voor niets tussen zat/iemand iets verwijten waarvan je weet dat die persoon er niets mee te maken had
84) de schuld op iemand anders steken
85) je moeder niet helpen in het huishouden, enkel en alleen omdat je geen zin hebt
86) lachen met de ellende die een ander doormaakt
87) toezien hoe iemand lijdt en er geen actie tegen ondernemen (bv. hongersnood in Afrika, natuurramp)
88) een beugel moeten dragen
89) huilen in het openbaar
90) zonder toestemming van de betrokken persoon binnendringen in zijn of haar privéleven (bv. paparazzi)
91) iets niet durven (bv. niet van de springplank in het zwembad durven springen, niet in het diep durven zwemmen)
92) je volledig laten gaan tijdens een dessertbuffet, terwijl je beloofd had gezonder te gaan eten
93) je moet voorlezen tijdens een eucharistieviering en je leest de verkeerde tekst voor
94) na een feest bij een vriend(in) thuis was je mee af en plots laat je een duur wijnglas uit je handen glippen, waarna het met veel lawaai de grond ontmoet
95) zeggen ‘Amai, ’t is hier stil. Is er iemand gestorven of zo?’, wanneer niet veel later blijkt dat dat ook echt het geval is
96) verhaal van een meisje dat een jaar in Finland verblijft met AFS (2011-09-06): “Ik zit hier nu in Finland en ik ben volop bezig de woordjes te leren. Dat lukt natuurlijk niet altijd even goed. Ik durf soms wel eens een woordje te zeggen dat totaal verkeerd is. Zo was ik de tweede dag volop bezig post-its te kleven in het huis. Ik plakte op de sofa ‘paikka’, want mijn woordenboek zei dat het ‘zetel’ betekende, maar het bleek ‘van mij’ te betekenen. Het was wel een beetje gênant toen mijn gastmoeder mij daarover aansprak.”
97) ontbossing
98) je ouders/bepaalde familieleden
99) je kleding/je schoenen
100) vrienden die zich zat drinken
101) zelfmoordgedachten hebben
102) je even heel ongelukkig voelen
103) allergie
104) rommel in je huis als je bezoek hebt
105) op kamp toch maar 2x/dag je tanden poetsen, net als alle anderen, om niet te moeten toegeven dat je het bij je thuis eigenlijk maar 1x/dag doet
106) je voor- en/of familienaam
107) je schamen omdat je je schaamt

“Schaamte is een gebrek aan empathie met jezelf” (CONNIE PALMEN)

"quotes" — Kaat op maart 22, 2012 om 00:09

De kracht van kwetsbaarheid

video — Kaat op februari 14, 2012 om 11:05

Researcher Brene Brown vertelt in dit filmpje hoe ze in haar onderzoek naar ‘menselijk contact’ geïntrigeerd raakt door gevoelens van schaamte en angst, en uiteindelijk de kracht van kwetsbaarheid ontdekt.

Met Nederlandse ondertiteling: Brené Brown – De kracht van kwetsbaarheid

Voor haar onderzoek neemt Brene Brown honderden interviews af en leest ze duizenden verhalen over ‘menselijk contact’. En het valt haar op hoe vaak het gevoel ‘schaamte’ naar boven komt. Schaamte kan begrepen worden als de angst voor het verbreken van contact: “is er iets aan mij, dat anderen te weten kunnen komen, en waardoor ik het niet meer waard ben om contact mee te maken, om lief te hebben?”

Dat brengt haar ertoe om de mensen in haar onderzoek op te delen in twee groepen: zij die zichzelf niet goed genoeg vinden, die geen genoegen nemen met wie ze zijn; en zij die dat wél kunnen, en daardoor ook vinden dat ze het waard zijn om geliefd te worden. Wat de laatste groep mensen gemeen hebben, zijn vier eigenschappen: moed (de moed om jezelf te laten zien zoals je bent, met al je onvolkomenheden), medeleven (mildheid voor jezelf en voor de anderen), contact (ontmoetingen aangaan met andere mensen vanuit je authenticiteit, niet vanuit wie je zou willen zijn, maar vanuit wie je bent — dat is een voorwaarde voor wezenlijk contact) en kwetsbaarheid (kwetsbaarheid durven omarmen, weten dat wat je kwetsbaar maakt, je ook mooi maakt — kwetsbaarheid zien als noodzakelijk, niet als angstaanjagend, ook niet als comfortabel).

Vaak proberen we onze kwetsbaarheid te verdoezelen, maar wat we niet beseffen, is dat we op die manier het ervaren van àlle emoties verdoven. Kwetsbaarheid is niet enkel een gevoel waaruit negatieve emoties als schaamte en angst kunnen voortkomen, maar het is ook een noodzakelijke voorwaarde om geluk, genot en schoonheid te kunnen ervaren.

Hoe proberen we kwetsbaarheid te verdoezelen?
We maken alles wat onzeker en twijfelachtig is, zeker (bv. in het geloof, de politiek: fundamentalisme i.p.v. discussie); we maken alles perfect (bv. plastische chirurgie, perfecte kinderen willen opvoeden); we doen alsof ons gedrag geen invloed heeft op andere mensen (bv. onze fouten negeren i.p.v. ons te excuseren).

Wat is de andere weg?
Jezelf durven laten zien, in alle kwetsbaarheid en imperfectie; durven liefhebben met heel je hart, ook al zijn er nooit garanties; dankbaar zijn en genieten; en vooral: weten dat jij genoeg bent, dat je het waard bent om geliefd te worden.

Volgende pagina »
© 2016 | SCHAAMTE.BE | Kaat Haest